Wie ben ik en mijn inzicht een genezing
d.d. 8 febr. 2012 in Wijkcentrum Alleman  14.00u.

We waren met 3 personen samen om dit onderwerp bij de horens te vatten.
Mw. R. begon. Zij had vroeger altijd veel zorgen gehad over hoe zij overkwam. Nu was ze tot het inzicht gekomen dat ze best direct kon uiten wat haar dwarszat. Zo was haar leven een stuk makkelijker geworden.
Dhr H. herkende zich niet helemaal in de relatie tussen inzicht en genezing. Het deed hem denken aan de oude psychoanalyse, waar inzicht voor de genezing uitging, althans dat was (is) de pretentie ervan.
Hij wierp de vraag op inhoeverre inzicht bij verslaving leidde tot abstinentie (geheelonthouding). Hij dacht niet dat het besef over het ontstaan van de verslaving tot afkick zou leiden. Dus wat is hier inzicht.
Martien vatte samen dat altijd waar was: “als het inzicht goed is, dan helpt het”.
Hij geeft als voorbeeld: als ik in een nieuwe groep binnen kom, ben ik eerst onzeker. Naarmate ik me meer in de groep bevind, zal ik ook meer inzicht hebben in personen en gewoonten, dit inzicht maakt dat ik mij meer op mijn gemak voel.
Dhr. H. vraagt zich tenslotte af hoe hij mensen kon motiveren tot het leren van een voor hen vreemde taal: Nederlands.
Mw R. oppert dat je dan toch eerst moet weten waarvoor het goed is
Martien noemt als voorbeeld: het kunnen helpen van je kinderen met hun schoolopdrachten..
Mw. R. vertelt nog dat ze bij haar zoon thuis, zag dat ze allemaal aan de PC of aan mobieltjes e.d. zaten. Ze heeft hen verteld dat ze dat niet leuk vond, en liever gezellig met elkaar in gesprek wilde zijn. En dat ze anders niet hoefde te komen. Vroeger had ze dat nooit gedurft.
De beide heren beamen dit volmondig
Tenslotte vertelt mw. R dat ze meestal meteen ziet of een relatie goed is of niet.
Dit brengt ons op het thema voor de volgende bijeenkomst woensdag 14 maart a.s.: Wie ben ik en mijn intuïtie? Opnieuw in Wijkcentrum Alleman om 14.00 uur.

 

Op 11 januari was de eerste Wie ben ik? bijeenkomst van het nu pas begonnen jaar 2012.
Locatie: buurtcentrum Alleman in Amstelveen. Thema: Ik en mijn geluk (in het nieuwe jaar). Martien, Hans en Kim lieten daar hun gedachten over gaan.
Geluk en nieuwjaarswensen
Omdat het thema zo geformuleerd duidelijk deed denken aan de meest gebruikte wens voor de feestdagen: Prettige Kerstdagen en Gelukkig Nieuwjaar, stonden we eerst stil bij het fenomeen nieuwjaarswens. We (ook de deelnemers aan de discussie) sturen steeds minder kaarten, maar ontvangen ze nog wel graag. Veel gaat ook per email of via Facebook, maar dat lijkt toch wat onpersoonlijker. Is zo'n wens voor een gelukkig nieuwjaar een formaliteit ? Stelt die wens van geluk niet al te veel voor? Hans bracht naar voren dat je je vrienden toch moeilijk een 'ongelukkig nieuwjaar' kan wensen. Bovendien stellen mensen zonder veel contacten, zoals alleenwonende ouderen zonder veel familie zo'n wenskaart zeer op prijs. Omgekeerd geldt dat ook voor het versturen van kaarten. Iemand een kaart sturen is toch een vorm van contact. Probeer dan ook verder te gaan dan de wensen die toch al op de kaart staan. Maa het wat persoonlijker.
Al kan je iedereen het hele jaar door veel geluk toewensen, het begin van een nieuw jaar is nu eenmaal de gelegenheid. Martien noemde een goede vriend die volgens hem zelfs tegen het versturen van nieuwjaarwensen was en klaarblijkelijk ook niet graag een kaartje ontving. Hans kon zich dat laatste eigenlijk niet voorstellen. Behalve dat bekenden onderling goede wensen uitwisselen, zou het volgens hem ook goed zijn dat het ISP aan vrijwilligers en cliënten van het spreekuur een kaartje zou sturen. Met de inhoud van een potje op kantoor voor kleine giften zouden de kosten van kaart en porto gedekt moeten kunnen worden. Langsbrengen kan soms ook. Juist als mensen niet veel familie hebben en waarschijnlijk niet veel kaarten of mails ontvangen, zou zo'n verrassende attentie goed kunnen vallen. En Hans wilde die vriend van Martien ook wel een kaartje sturen!
Geluk en goede voornemens
Van de kaarten kwamen we op geluk en 'goede voornemens'. Sommige mensen kiezen bij uitstek de jaarwisseling voor het (willen) ophouden met slechte gewoontes en het oppakken van goede gewoontes.Minder eten, minder alcohol drinken, stoppen met roken, meer tijd voor man, vrouw en kinderen, je minder druk maken, meer sporten, vroeger opstaan en bijtijds naar bed gaan, aardig zijn voor je buren en collega's ... Zelfs de mensen die bewust geen goede voornemens erop na houden, denken daar toch wel eens over na. Dat zit bij de meeste mensen in hun aard. Hoe kan ik het beter doen? Ook al houden de meeste goede voornemens maar een paar dagen of hoogstens weken stand, je zou mensen bijvoorbeeld sterkte met hun goede voornemens kunnen wensen.
Maak je wens concreet: Waarmee zal ik je helpen?
Geluk is vaak heel individueel bepaald, nogal gebaseerd op hoe iemand zich op een zeker moment voelt of afhankelijk van wat iemand overkomt. Geluk heb je lang niet altijd zelf in de hand. Soms zijn het de omstandigheden (ontslagen worden, ziek worden, mensen in je omgeving die ziek worden of overlijden of omgekeerd je krijgt een baan, wint een grote prijs, komt onverwacht de liefde van je leven tegen) die een belangrijke invloed hebben op jouw geluk. Het zou misschien een goed idee zijn om i.p.v. mensen een heel algemeen gelukkig nieuwjaar toe te wensen, hun steun bij iets specifieks (op korte termijn!) toe te zeggen. Willen ze meer bewegen? Nodig hen dan uit om deze week samen een wandeling te maken of naar de sportschool te gaan. Voelen ze zich eenzaam? Ga bij hen op bezoek of beter nog: nodig hen bij jou uit. Dus voor je mensen van alles voor een heel jaar toewenst, vraag eerst: Waarmee zal ik je nu helpen? Bovendien draagt het helpen van mensen meestal ook bij aan je eigen geluk. Dus twee vliegen in één klap. Doordenkend in die lijn zou je ook hulp kunnen vragen. Op die manier wordt individueel geluk sociaal ingevuld. Meer positief contact onderling en maak het concreet! En het begin van het jaar is altijd een goed begin. Martien merkte op dat het ISP denkt al jaren in die richting denkt met het spreekuur, bezoek van gevangenen en mensen met psychische problemen en en project als Koffie op de hoek. Maar dat het goed was om elkaar daaraan weer te herinneren.
Bij deze mooie conclusie voelden twee deelnemers aan de discussie, zonder goede voornemens wat dat betreft, sterk de behoefte aan een sigaretje, dat heel sociaal buiten werd opgerookt. Daarna werd nog even nagedacht over het thema voor de volgende keer.

Uit zijn herinnering opgetekend na veertien dagen

Hans Koster

 Wie ben ik- en mijn motivatie

Aanwezigen: Ton de Vries, Martien Luijcks, Hans Koster en Souad Amasslam (verslag)v.l.n.r. Hans, Souad, Ton en Martien
Datum: 14- 12-2011

Wat wordt er verstaan onder motivatie?
De resonantie van de stem en het gevoel wordt mede bepaald door de houding en lichaamstaal, vindt Ton.
‘Motief kan er begrepen worden onder motivatie’, zegt Hans. ‘Wat zijn de motieven om gemotiveerd te worden en waar richt die gedrevenheid zich op?’ vraag Hans. Martien vindt dat motivatie gedrevenheid is. 
Ton vind dat drang en motivatie twee begrippen zijn. ‘Ik heb een jaar nodig om mensen te borrelen wie ze eigenlijk zelf zijn. Dan gaan ze kijken naar wat aansluit bij hun ontwikkeling. Klanten kunnen, na al die narigheid en of positiviteit,  antwoord geven op de wie- ben- ik- vraag’.

Ton vindt dat je verlichting in een situatie kan bieden, maar dat de mensen voornamelijk hun eigen kracht moeten ontdekken. ‘Als ik klanten vooruitgang zie boeken wordt ik gemotiveerd. Ik zie het als een kroontje op mijn werk’, zegt Souad. ‘Bedoel je niet: "als je mensen stimuleert?", vraag Ton aan Souad. ‘Wat is het verschil tussen stimuleren en motiveren?’, vraagt Souad.  Over deze vraag werd nagedacht.

‘Motivatie heeft ook te maken met in staat zijn om iets te doen’, zegt Hans. Hans verteld over het vrijwilligerswerk dat hij momenteel doet, namelijk les geven aan immigranten die de Nederlandse taal niet beheersen. Hans ziet dat deze mensen zich geisoleerd voelen, maar dat de kracht te zien is als zij onderling met elkaar in contact komen.
‘Hoe ga je om met mensen die vanaf stap 1 weer moeten beginnen?’, vraag Ton aan Souad.’Deze mensen inzicht geven bij het weer willen opstaan. Inzicht en wilskracht doet wonderen’, vindt Souad. ‘Begrip vanuit de samenleving is belangrijk’, voegt Ton eraan toe.
Als afsluiting zijn wij het eens met: Motivatie moet je in jezelf te vinden en niet op anderen plakken!

Thema geluk
Al gauw werd het thema Geluk voor de volgende bijeenkomst vastgesteld. Tijdens deze bijeenkomst werd er inhoudelijk kort gesproken over geluk. ‘Ik vind niet dat hulpverleners mensen gelukkig moeten maken’, zegt Hans. Ton vroeg aan Souad (zij studeert de opleiding Maatschappelijk Werk en Dienstverlening) wat zij over de mening van Hans vind. ‘Ik sluit me aan bij Hans, want het subdoel van maatschappelijk werkers  is klanten verder op weg te helpen waarbij zij uiteindelijk zelfstandig verder kunnen. Of de klant daar gelukkig van wordt is de keuze van de klant’, zegt Souad.

 

“Wie ben ik?- En mijn humeur”

Thema: Wie ben ik in mijn humeur?
Aanwezigen: Hans, Martien, Ria, Rosta en Souad (beiden Verslag)
Buurthuis: Alleman te Amstelveen
Datum: 10 november 2011

Humeur
Wat kan er verstaan worden onder de humeur, is een vraag die de aanwezigen zichzelf kunnen stellen. Volgens de encyclopedie wordt humeur verstaan als gemoedstoestand: stemming.

Als ik behoefte heb aan een goed humeur, bel ik naar een goede vriendin die ik al jaren ken. Zij is positief ingesteld en samen willen we 120 jaar oud worden. Zij heeft altijd klaargestaan voor mensen’, zegt Ria.  Bij veel negatieve humheuristische gebeurtenissen houdt de vriendin Ria het hand boven haar hoofd
Naar de mening van Hans heeft iedereen weleens een humeurtje. Het kan voorkomen dat een goed humeur om kan slaan naar een slecht humeur door een opmerking of een situatie die zich terplekke voordoet. Mensen die ‘altijd’ vrolijk zijn, roept verbazing en wantrouwigheid op. Zo wordt er een voorbeeld gehaald over de mensen die in bergen van Oostenrijk wonen. Zij groeten voornamelijk met Gruse Gott (groet God).  De aanleiding hiervoor is vanwege het dichterbij zijn bij de hemel.
Souad heeft een ander idee over humeur, want zij is voornamelijk vrolijk. ‘Humeur wordt vaak slecht opgevat, terwijl het nauw kan liggen met humor. Persoonlijk ben ik weleens uit mijn humeur, alleen gaat dit gepaard met een gevoel of situatie. Normaliter zit ik vol positieve energie’.
Martien voegt toe dat geen energie hebben kan soms betekenen dat je geen communicatie en humeur hebt.
‘Sommige rare opmerkingen kunnen ervoor zorgen dat mensen zich humeurig of juist niet humeurig gaan voelen. Dit is afhankelijk van de persoon die de opmerking kan interpreteren’, zegt Hans.

Doorzetten
Moeilijkste stap om te maken, is van slecht humeur naar vrolijkheid. Een slecht humeur heeft anderzijds ook veel positieve kanten.  Zo kan het een aanzet zijn om een situatie te veranderen, of iemand of mezelf wakker te schudden. Soms helpt het om gewoon een glimlach op je gezicht te zetten. Dat is heel lastig als je een slecht humeur hebt, maar je moet je er doorheen zetten. Als je gaat lachen denken je hersenen dat je blij bent en op deze manier is de kans groot dat het tevredenheidgevoel het overneemt.

Hieronder een aantal oefeningen m.b.t. een slecht humeur:

  1. Ben je in een slechte bui omdat iemand je iets heeft aangedaan of iets naars heeft gezegd? Bedenk dan dat die gene nu jouw leven vervelend beïnvloedt, laat je dat toe? Probeer de persoon te vergeven, of besluit er geen aandacht meer aan te schenken!
  2. Ga bij jezelf na of je moe bent, of je onlangs weinig slaap hebt gekregen. Zo ja, ga dan even slapen. Moeheid is funest voor de sprankelende kant van je persoonlijkheid!
  3. Als er iets is mislukt waardoor je je ellendig voelt (zoals een verprutste presentatie), focus je dan op de toekomst. De volgende keer doe je het wel goed. Het is geen ramp, en is dat het wel… dan kom je er wel weer bovenop. Focus je op verbetering en vooruitgang, blijf niet hangen in je nare emoties.
  4. Zet voor elke actie die je gaat ondernemen het woord ‘lekker’. Vanaf nu ga je ‘lekker wat eten’, en daarna ‘lekker in bad’. Zo geef je jezelf en iedereen om je heen het idee dat je echt van het leven geniet!
  5. Neem tijd voor jezelf! Trek je eventjes terug, rust wat uit of ga bijvoorbeeld lekker in bad. Zet je favoriete muziek op, eet lekker wat chocolade. Soms moet je jezelf even terugvinden voor je de wereld weer met een frisse blik aankan!
  6. Maak een lijst van alle dingen waar je zin in hebt. Kun je er geen bedenken? Dan wordt het tijd om leuke dingen te gaan uitzoeken! Wat dacht je van een avondje stappen, weekendje weg, theater, bioscoop. Zorg dat je iets krijgt om je op te verheugen!
  7. Ga sporten! Na een half uurtje hardlopen, fietsen of skaten komt de stof endorfine vrij die ervoor zorgt dat je je vrolijk en lekker gaat voelen.
  8. Ontsnap! Laat alles voor wat het is en ga lekker op bezoek bij een van je beste vrienden. Ga samen iets leuks doen en dump al je problemen en irritaties, daar heb je vrienden voor!
  9. Elk nadeel heeft zijn voordeel! Ga eens op zoek naar de voordelen van je problemen!

“Wie ben ik?”- Bijeenkomst Amstelland
Thema: Hoe ga ik om met tegenslag?
Aanwezigen: Hans, Ton, Rosta en Souad (4)
Buurthuis: Alleman te Amstelveen
Datum en tijd: 12-10-2011 v.a.  14.00 uur

Voorstelronde
Met zijn vieren stelden we ons aan elkaar voor. Vanuit het gesprek merkte ik op dat Ton en Hans elkaar al goed kennen. Rosta en ik vertelde over onze opleidingsachtergrond en de stageperiode in het Informatie SteunPunt (ISP). Hans stelde zichzelf voor als bijlezer. Waarop Ton zijn functie binnen het ISP meedeelde. Terwijl de voorstelronde ten einde kwam, werd het accent gelegd op het vastgestelde thema.

Tegenslag
Het is bijna niet te geloven maar een tegenslag kan ook een positief effect hebben. Wat wordt hiermee bedoeld? We bedoelen hiermee dat als jij je door een tegenslag minder prettig voelt, kan een goede periode uit het verleden meer betekenis voor je krijgen. Tevens is het mogelijk dat, als het je in de toekomst weer beter vergaat, je dat intenser zult beleven.
Een voordeel van een tegenslag kan zijn dat je jezelf daardoor beter leert kennen. Je kunt daardoor in de toekomst betere keuzes maken, omdat die gebaseerd zijn op “doorleefde” zelfkennis. Dat is beter dan uitgaan van andermans oordelen en verwachtingen..

Afsluiting
Tegenslag kan door iedereen anders geïnterpreteerd worden. Iemand kan er diep van in de put raken, anderen zien het als een leermoment.
Wat is de beste manier om met tegenslag op het werk om te gaan? Afhankelijk van je persoonlijkheid kan iemand laconiek reageren op tegenslag. Het is goed om de tegenslag te zien als:

  • Een leermoment,
  • Een uitdaging voor de verdere carrière,
  • Een kans om te groeien

Leren
Hoe kunnen we leren van de tegenslag? Hoe kunnen we de tegenslag zien als een leermoment? Wat valt er van tegenslag te leren?

  • Waar ging het fout?
  • Waarom ging het fout?
  • Werk aan de factor dat de veroorzaker was van de fout!

Motivatie
Om goed te kunnen omgaan met tegenslag is het belangrijk om onszelf van te voren in te stellen dat we met tegenslag te maken gaan krijgen. Iedereen die succesvol wil zijn, ambitie heeft en carrière wil maken moet beseffen dat tegenslag een onderdeel van het succes is. Hoe sterk is jouw innerlijke motivatie om de top te bereiken? Sterk? Dan maakt deze tegenslag jou niet klein!

Relativeren
Hoe ga je goed om met tegenslag? Om goed om te kunnen gaan met tegenslag, moet je:

  • Een sterke motivatie hebben om je doel te bereiken: de top,
  • Beseffen dat de tegenslag van tijdelijke aard is,
  • De situatie goed onder ogen zien en aanvaard de (tijdelijke) puinhopen,
  • Relativeren, hoe erg was deze tegenslag? Is deze tegenslag het waard om de top te bereiken?
  • Beseffen dat ieder nadeel ook zijn voordeel kent,
  • Humor in het geheel brengen,
  • Positief blijven denken,
  • Blijf vertrouwen hebben in jezelf en in je kwaliteiten,
  • Zodra de tijd rijp is, ga je met hernieuwde energie volle kracht vooruit!

Verslag: Souad Amasslam met dank aan Rosta Haidari

 

Wat maakt mij blij?
Gespreksmiddag ISP in Wijkcentrum Alleman d.d. 14 september 2011.

Onderweg naar Alleman vroegen wij een man die een hond uitliet waarvan hij blij werd. Hij werd blij van de hond uit het asiel die hij mocht uitlaten. Hond blij, baasje blij!

In Alleman aangekomen, begonnen we rond 14.25 uur met het gesprek. We waren met vier man bijeen. Een kopje koffie, met melk maakt blij, een blik van herkenning ook, voorrang krijgen bij een oversteekplaats, net zo.
Blij met je werk, blij als een plannetje werkt. Of een keertje lekker zondigen door een stroopwafel te eten.
Ook blijheid vanuit tevredenheid, of vanuit je hart. Blijheid ook vanuit goddelijk of existentieel besef.  Het vinden van een lichtbron in jezelf kan ook blij maken.
Saamhorigheid maakt blij! In de evangelische kerk is er blijheid als groep. Soms erna ook individueel beleven van blijheid.
Rottigheid in je leven maakt dat je blijdschap meer gaat waarderen. Er is altijd sprake van een leer- en groeiproces.
Jeugd waardeert de prestatie, de kick,  het winnen. Ouder geworden weet je dat meer te relativeren
Zo ook het winnen van de loterij! Tegenwoordig als men een grote prijs wint, krijgt men hulp om er verstandig mee om te kunnen gaan!
Blijheid vinden we ook in de contacten om ons heen.
Een oma in een verzorgingstehuis is blij als ze haar kleinkinderen ziet. Toch een nageslacht op de wereld gezet!
Het kan ook dat je blij bent omdat je juist anders bent dan anderen, bijvoorbeeld ongewenst kind, mogelijk van de buurman. De wil om geboren te worden kan sterk zijn!
Bij omgaan met angstige mensen altijd zoeken naar de lichtpuntjes, zonder ze te benoemen, het geeft alleen jezelf weer moed om verder te gaan. Mensen worden angstig als hun hele veilige rijke leventje hun wordt afgenomen (scheiding, ziekte, overlijden), dan vallen ze in een gat, met schulden en eenzaamheid. Zo twijfelen ze ineens aan alles en  ontstaat depressie.
Ook dan kan een betrokken contact blijdschap brengen. (zie de 3 V's in ISPbode Veiligheid)
Blijdschap hangt vaak ook samen met personen,  soms ook in groepen waarin je erkend wordt.
Ton vindt dat lotgenotengroepen elkaar alleen maar in de put helpen.
Hij stelt dat depressie lijkt op de winterslaap van de oermensen, dis samen met de beren in holen schuilden tot de lente weer begon en ze weer manisch werden.
Er ontstaat een discussie of depressie een ziekte is of een gevoelsuiting die bij het leven hoort?
Eskimo’s kruipen als het koud is bij elkaar.
Hoe zuidelijker men komt, des te meer gemoedelijkheid en spontanieteit.
Zang en dans meer spontaan, en meer gevarieerd.
Met iedere breedtegraad naar het zuiden, neemt dat toe.
Blijheid kan ook door een goed gesprek, of door een Godsgevoel.

Wij besluiten te zoeken naar wat NIET blij maakt en komen tot het volgende lijstje.

  1. eenzaamheid
  2. somberheid
  3. donkerte of felheid
  4. pijn, ziekte, zorgbehoevendheid
  5. starre geest
  6. zonder humor

    Ton is een tijdlang Macrobioloog geweest, wijst op het Yin (somber) en Yang (gebladerte nodig,  Bij adhd (Yang) knol eten (Yin). Medicijnen zijn vaak Yin. Tegen radioactiviteit (Yang) wisten de monnikken van Hiroshima al dat zout (yin) eten hielp.
    Het belang van het eten van de groenten van het seizoen.

De blijheid van mensen in de afval-prgramma’s op tevee biedt de mensen daar en de kijker geloof dat er iets aan te doen is, als je het wil.  Enige discussie of en hoe je dat moet aankaarten?

Naarmate mensen zich blijer voelen gaat ook de stemhoogte omhoog.
Een dame meldde telefonisch dat ze blij was met haar nieuwe baan. Met Ton en met de sociale contacten. Leuk om te horen.

Tenslotte maakt tirannie ook niet blij, en w.s, ook de tiran zelf ook niet.

Volgende keer: 12 oktober a.s. hoe ga ik om met tegenslag?.

 

Verslag van gespreksmiddag ISP: Schuldgevoel en Spijt, in Wijkcentrum Alleman dd 10 augustus 2011

We waren met twee personen en het spijt ons dat er niet meer mensen op de bijeenkomst zijn afgekomen. maar we laten ons niet kisten en buigen ons over het thema.

We wisselden ervaringen uit: het schuldgevoel bij zelfdoding van bekenden en vrienden was heel herkenbaar.

Natuurlijk hadden we in het verleden dingen anders kunnen doen, met de hoop op een betere uitkomst. Zo van: "Had ik dat maar niet gedaan". Toch blijft de uitkomst van dat 'had ik dat maar niet gedaan' altijd onzeker. Waarschijnlijk was het toch anders uitgepakt dan je had gedacht of dan je nu denkt.

Het is zeker goed om naar anderen toe je spijt te betuigen als je het echt bont hebt gemaakt, maar in het algemeen is spijt maar een sneu gevoel. Het was zo en het is niet anders geworden. Het enige dat overblijft is het nu en in de toekomst beter te doen. Dus niet teveel terugkijken, maar moedig voorwaarts.

We hopen volgende keer op meer deelnemers. Dan is het 14 september 2011

Het thema is dan: Wat maakt mij blij?

verslag Martien,
met dank aan Hans

 

Verslag gespreksmiddag ISP: Leren door ervaringen. in Wijkcentrum Alleman dd. 13 juli 2011

We waren met 4 mensen bij elkaar, een vrouw en 3 mannen.
Mw. M vertelde over haar ervaringen in Zuid Afrika. Eerst wonen in de eigen witte wijk. Na het opheffen van de Apartheid, kreeg ze plots contact met de mensen uit de omliggende wijken. Bewondering voor Mandela, die zonder wrok uit de gevangenis kwam. Ook voor de Klerk die de verandering wel aandurfde. Dit i.t.t. Khadaffi bijvoorbeeld.
Wegens haar dochter (openbaar vervoer hier beter) kwam ze terug naar Nederland.
Merkwaardig ervaart ze hier de tegenstelling tussen enerzijds de mondialisering en anderzijds het terugtrekken in de eigen kring.
Zij hoorde eens zeggen: sommigen ervaren in 10 jaar elk jaar wat bijzonders, terwijl anderen nog niet eens in 10 jaar wat ervaren.
Zij heeft met veel plezier gewerkt in de cathering van een IT-bedrijf, veel nationaliteiten in het team daar. Het is moeilijk om mensen bij elkaar te betrekken. Ook ziet ze steeds meer mensen om haar heen wegvallen. Het vinden van nieuwe contacten is moeilijk.
Ton: naarmate je ouder wordt, valt de franje meer en meer eraf. De professionals nemen de regie over, dit wil hij voorkomen. Het is de angst voor de betutteling.
Dhr H: toch kun je beter tijdig hulp vragen. Het is belangrijk dat je vertrouwen hebt met je arts.
Ton wijst op de 3 V’s: eerst moet er veiligheid zijn, dit kan wel een jaar duren. Dan komt er ruimte voor vertrouwen. Ook dit kan lang duren. Tenslotte kan er dan een volledig openbloeien ontstaan.
Dhr H. een van zijn cliënten als taalcoach had zijn flat onder water laten lopen. Hij vraagt zich af of er niet meer begeleiding bij nieuwkomers moet worden ingeschakeld. Hulp als vriend!
in sommige culturen is nog sprake van groot gemeenschapsgevoel, dit kennen wij alleen nog uit de oorlogstijd ’40-‘45
Vaak mogen mensen wel al werken. De stimulans om zelfstandig te zijn is vaak afwezig.
Mw. M. toen wij in Zuid Afrika aankwamen moesten de handen uit de mouwen, want je moest zelf in je onderhoud voorzien. Dit was een prima ervaring.
Martien: het is ook belangrijk om evenwicht bij dienstverlening te herstellen: iets terugdoen kan daarbij een groot goed zijn.
Hij vult aan dat ook je ook kunt leren door schade en schande: toen hij een periode veel dronk met vrienden, ervoer hij veel nadelen van dat drinken, bijv, het niet meer weten met welk glas je nu weer bezig bent. Hij verloor zo wel zijn drinkebroeders.
Mw. M: was eenmaal haar portemonnee verloren, de politie vroeg of zij geen trauma-counseling nodig had. “Nee! ik heb hoogstens een schop onder de kont nodig”
Ton: het is belangrijk om niet op de blaren te zitten, maar te leren door je ervaringen. Het is ook belangrijk te voorkomen, dat is beter dan genezen.
Dan gaat het gesprek in op (over)bezorgdheid v.s. zorgen hebben over iemand.
Dit wordt een beetje technisch en komt pedant over. Het belang van medeleven en betrokkenheid wordt door iedereen wel herkend.
Mensen kunnen ook voor elkaar bidden. Soms bidden zelfs hele kloosters voor iemand in nood.
Dan vragen we ons af waarover wij volgende maand op woensdag 10 augustus a.s. zullen spreken.
Tezamen besluiten wij het thema “schuldgevoel en spijt” te kiezen.

Verslag: Martien Luijcks, 14 juli 2011
Met dank aan Hans

 

Verslag Wie ben ik en hoe red ik mijzelf.
9 maart 2011 in Wijkcentrum de Alleman te Amstelveen

Met 3 mannen zaten we aan de tafel in de hal van het wijkcentrum.
Het gesprek was vrij open.
Een voormalige Rocker vertelde over zijn ruige jeugd.
Een man uit zijn buurt zat hem en zijn vrienden altijd dwars. Een keer hadden ze een voetbal volgedaan met cement. De bal werd naar hem toegerold met het verzoek hem terug te spelen. De buurman wilde wel van dienst zijn en met een macho trap schopte hij de bal terug, met 2 gebroken tenen droop hij toen af.
Hij had in de oorlog ook heel wat moeten lopen om aan eten te komen, vanaf Amsterdam naar het oosten des lands en weer terug.
Hij vertelde ook over zijn werkzaam leven, waarin hij leiding had gegeven aan een slachthuis. Hij vertelde dat zijn team op maandagmorgen niet altijd zo makkelijk op gang kwam, zo na het weekend, dan ging hij soms zelf aan de slag onder het zingen van een volkslied hakte en sneed hij er flink op los. Voordat ie het doorhad waren alle jongens mee aan het zingen.
Ook liep de communicatie met de controleurs weleens mis. Dan trommelde hij alle jongens naar de kantine waar hij hen een spiegel voorhield, gedogen van de controleurs of sluiten. Dan bonden ze wel weer in.
Nadien kreeg hijzelf natuurlijk wel weer een rotje onder zijn stoel, maar de humor redde hem telkens weer. Zo heeft hij het gered.
Tegenwoordig is hij actief in de politiek, hij is daarbij erg gericht op de burgers zelf.
Hij was ook geïnteresseerd wat het ISP allemaal te bieden had in Amstelveen, voorzichtig begint het bekender te worden, en dat kost nu eenmaal tijd.
Ook het spreekuur Amstelland dat op de 18e van deze maand weer wordt gehouden komt langzaam op gang. De volhouder wint.
Een andere man vertelde over zijn werk voor de jongeren in Zandvoort, het ging erom de jongeren zelf alles te laten organiseren. Dit liep perfect.
Ook had hij de partij van de niet-stemmer opgericht in Zandvoort, helaas kreeg hij net geen zetel.
Rond 4 uur rondden we het gesprek af, en gingen allen hun weegs

 

Verslag 9 februari 2011, deze bijeenkomst kon niet doorgaan.

 

 

Verslag Wie ben ik en mijn vrijwilligerswerk
Amstelveen Alleman 12 januari 2011

Totaal zijn we met 8 personen aanwezig.
Om 14.00 uur wordt kennisgemaakt met de aanwezigen.
Jaap Prent  is van het Sociaal Steunpunt vraagt wat de toegevoegde waarde van het ISP is.
Het ISP staat voor de 1e lijn ggz en vult het gat tussen psychiatrie (2e lijn ggz) en het psychosociale. Het ISP wil sociale contacten in de wijken bevorderen zodat mensen niet vereenzamen.
dhr. B.  telt zich voor als psychosociaal coach hij begeleid 3 mensen, waarbij een minder goed gaat. Die zal hij wellicht moeten doorverwijzen.
Dhr X is vrijwilliger bij Vita en ook bij het Dagactiviteitencentrum Amstelveen.
Ineke van der Elst zit in de Wajong, en in de provinciale WSW-raad (rond de Wet Sociale Werkvoorziening). Ze doet vrijwilligerswerk voor het Sociaal Steunpunt en voor het Steunpunt vrouwen. Zij is alleen maar een luisterend oor voor haar cliënten.
Dhr R. is mantelzorger voor zijn moeder en bij gelegenheid wederzijds ook voor een vriend.
Harmke Visser is medewerkster van de Vrijwilligerscentrale Amstelveen (Cardanus) en zal hier inbreng hebben over de waarde van vrijwilligerswerk
Ton de Vries en Martien Luijcks zijn beiden medewerkers van het InformatieSteunPunt in de eerstelijn ggz.

Dan volgt het thema:
Harmke begint om 14.30 uur met  informatie over de Vrijwilligerscentrale
Zij organiseren naast het gewone werk nog diverse activiteiten:

  1. Taalcoaches, biedt migranten een uur per week een conversatie met een vrijwillig(st)er,
  2. Buurthulpdienst (i.s.m. Zorggroep Vita) klussendienst,  schulden, papieren ordenen etc. bij grotere problemen schakelt men de professionals in.

Dhr. B. reageert: bij de professionals vragen ze je het hemd van het lijf. Dat vinden mensen niet zo leuk. Ook klaagt hij over het digitale gedoe,. Mensen zonder PC kunnen er niet bij.
Ineke zegt: bij het spreekuur kan men die mensen helpen.
Dan vertelt Harmke dat de hoofdzaak van de vrijwilligerscentrale natuurlijk de vacaturebank is.
De waarde van het vrijwilligerswerk ligt in

  1. aanvullend op betaald werk.
  2. als sociale aanvulling
  3. levert geld aan de maatschappij
  4. geeft respect

Er zijn ruim 4 miljoen vrijwilligers in Nederland`
Ton stelt: de vrijwilliger moet er zelf ook wat aan hebben!
We moeten af van het charitatieve idee vult Martien aan.
Dan ontstaat de discussie over wel of niet vrijwilligersvergoeding
Jaap: onze vrijwilligers malen daar niet om. Wel uitje en maaltijden.
Ton: Het ISP waardeert via dat geld de vrijwilligers, zo worden zij vrijwillig medewerker van de organisatie. In zorgcentra worden vrijwilligers vaak als bedreiging ervaren door de professionals. Van de leiding komt meestal meer waardering.
Bij het ISP kijken we eerst wat voor capaciteit en wat voor belangstelling de vrijwilliger heeft en kijken dan wat we hem/haar kunnen bieden. De financiële vergoeding is dan een aardigheidje. De vrijwilliger is dan semi-werknemer.
Harmke: vrijwilligerswerk moet aanvullend  zijn.  Het doel is ook dagritme en contact met sociaal netwerk. Het zielige moet ervan af. Koffie schenken is een volwaardig werk.
De ene vrijwiliger met de andere kan zeer stimulerend werken. (lotgenotensteun)
Ton: door toename of samenloop van problemen  kan een mens ziek worden. Het gaat om tijdig signaleren. Het snijvlak met de hulpverlening, daar werkt het ISP. Het volwaardig vrijwilligerswerk is dan een verlengstuk, voor en mogelijk ook na. van de hulpverlening.
De vrijwilliger heeft altijd belang aan het vrijwilligerswerk. Zo kan het bij sollicitatie gemeld worden op de CV.
Jaap: Veel mensen willen geen geld. Doen alles met plezier voor de stadgenoot,  proberen hem de weg te wijzen.. Ze krijgen  bij ons alleen een kerstpakket en eten.
Dit ontlokt bij Kees de opmerking: “Liefdadigheid dus!”
Ineke: het glaasje water aan de patiënt geven is eigenlijk werk voor de professional, maar nu de Wajong, wordt afgebouwd, dan is het de vraag:  Hoe werken UWV en Sociale Dienst samen om die mensen aan het (vrijwilligers)werk te krijgen? Wordt het dwingen of samen met de cliënt zoeken naar participatie-mogelijkheden? Er moet gescreend worden wat iemand nog kan!
Ton vult aan: Als iemand al vrijwilligerswerk doet, dan moet men dat respecteren
In de zorg komt steeds minder personeel, ook de toenemende vergrijzing geeft druk op de ketel.
Harmke: de samenwerking met de gemeente lijkt minder te worden.
Ton: de gemeenten redden het niet met het geld, want de aanbieders vragen meer en meer! Ineke: oppassen niet te rigoreus snijden, de kwetsbaren beschermen.
Ton: De bezuiniging bedraagt 18 miljard, dus waken om niet buiten de boot te vallen.
Dhr. R. vat samen: het gaat alleen maar om bezuinigen, iedereen moet de handen uit de mouwen gaan steken om het te redden.
Ton: als iemand te weinig rendement levert, wordt hij uit de sociale werkplaats gezet!
Martien: Zorgcentra kunnen belangrijke rol hebben in de buurt, zelf eet ik vaak in Boerhaave te Haarlem, ontmoet vrienden en bekenden daar.
Harmke: de WMO werkt decentraal, eerst was het meer centraal beleid
Ineke zit ook in Platform Wijkzorg. De discussie daar gaat ook over de grens tussen nabijheid en afstand. Die geldt ook voor de vrijwilliger: je komt in het privé van mensen.
Ton: 2011 is het jaar van de vrijwilliger  Hij vervolgt: het Steunpunt Mantelzorg begeleid vrijwilligers, komen in de familiale situatie terecht, vraagt veel prudentie (wijsheid).
Dhr. B. heeft cursussen gevolgd om mensen bij te staan. Zit in de mantelzorg-begeleiding
Komt daar inderdaad een ethische laag tegen! Hij vind gespreksvoering een belangrijke zaak.
Martien vraagt hem of hij een sparringpartner heeft? Hij antwoordt “nee”!
Ton: wij streven naar hoge kwaliteit bij vrijwilligers.
Hij wijst op de 3 V’s van de bejegening: 1: Veiligheid, kan wel tien maanden nodig hebben vooraleer 2: Vertrouwen ontstaat. Dit is de basis van de fase  3: Volledigheid waarin de mens gaat opbloeien.. Dan zijn inmiddels wel 3 jaar verstreken! Zie www.informatiesteunpunt.nl  ISP-bode Veiligheid.
Jaap: heeft 3 maal per week een spreekuur van 2 uur; zij proberen mensen te helpen met praktische problemen rond formulieren invullen, adviseren etc. Werken ook samen met de Diaconie, die geeft eten aan mensen in nood, soms 10 euro per week.
Ton vraagt: hoe kunnen we problemen voorkomen (preventie)?
Jaap: Het Sociaal Steunpunt heeft overleg met de wethouder,
Ineke doet al jaren vrijwilligerswerk: vele jaren bij de Jellinek, verslavingszorg,  ook zorg voor ouderen met Psychiatrische problemen en ook bij Jeugdzorg heeft ze vijf jaar gewerk, m.n. moeilijk opvoedbare jongeren, Nu werkt ze voor het Sociaal Steunpunt, vooral het Spreekuur Vrouwen, inzake de Wajong  en zelfredzaamheid. De vrouwen komen geheel anoniem, Ineke  biedt alle ruimte om te praten. Ook helpt ze hen met indicatie voor Arbeidsongeschiktheid. Haar spreekuur houdt ze eens per 14 dagen 2 uur in de Buurtkamer Amstelveen. Zij adviseert niet, luistert alleen: het luisterend oor.. De vrouwen ontdekken zichzelf . Op de nieuwjaarreceptie was het een gezellig samenzijn met alle vrouwen in volledigheid. Een echt “ecosysteem” wordt aangevuld.
dhr R. voelt zich een beetje buitenstaander, maar vindt het wel interessant. Hij heeft een heldere blik en zijn bijdrage wordt door allen gewaardeerd.
Ton reageert op Ineke: en vertelt over zijn Nachtuil disco in Zandvoort waar hij vrijwillig een jongerenproject heeft opgestart.  Ook bij het ISP is hij vrijwilliger.
Martien is ook vrijwilliger bij de Landelijke Vereniging Thuislozen, waar hij de publiciteit doet.
Volgende bijeenkomst op woensdag 9 februari a.s. om 14.00 uur in Wijkcentrum Alleman, staat in het teken van Wie ben ik en mijn sociale zelfredzaamheid
Het nieuwe spreekuur Amstelland van het ISP start vrijdag 21 januari a.s. van 14-16 uur in de Buurtkamer Amstelveen.

Verslag Martien Luijcks

Verslag Wie Ben ik en mijn (vrijwilligers) werk?
Woensdag 8 december 2010 om 14.00 uur in Wijkcentrum Alleman Amstelveen.

Doordat de publicatie een beetje was misgegaan waren er niet veel mensen naar onze bijeenkomst gekomen. Wel RTV-Amstelveen was met een cameraploeg aanwezig.
Hiervan vindt u een opname die wordt uitgezonden op RTV Amstelveen.

Hierna werd met de aanwezigen gesproken over het thema zelf

dhr R. was mantelzorger voor zijn moeder en een vriend (wederzijds). Omdat Amstelveen de ID-banen heeft afgeschaft is hij zijn baan kwijtgeraakt.

dhr H. vertelde over de waarde die zijn eigen vrijwilligerswerk bij RTV-Amstelveen hem geholpen had om werk te vinden

Ook Martien zelf had via vrijwilligerswerk een vast baan gevonden, binnen de ID-regeling die in Haarlem nog bestaat. Hij doet op dit moment nog vrijwilligerswerk voor de Landelijke Vereniging Thuislozen.

Ton deed al jaren veel vrijwillerswerk. Nu is hij actief voor  o.a. het ISP zelf.

Ook de mensen van het opnameteam waren deels vrijwillig, dit sloot leuk aan bij het thema.

Besloten werd de volgende keer Vrijwilligerswerk centraal op de agenda te zetten en iemand wan de vrijwilligerscentralt uit te nodigen voor een inleiding.

 

Het Wie ben ik? Verslag van 10 November 2010
Thema: Wie ben ik en hoe overleef ik het nieuwe kabinet?

De bijeenkomst werd gehouden in wijkcentrum De Alleman in Amstelveen.

Voorzitters: Ton de Vries, Martien Luijcks ,Dave Lohuis
Aanwezigen: Dhr. R., mw. E. , dhr H. en een echtpaar.

Hoofdvraag
Wat is jouw gevoel bij de nieuwe plannen van het kabinet?

mw. E: Wist niet goed wat ze kwam doen bij de bijeenkomst omdat ze nogal onzeker was over of ze alles in vertrouwen kon vertellen. mw. E. vertelde dat zij 5jaar in de psychiatrie heeft gezeten,4 jaar woonachtig is geweest in Amstelveen en dat ze een Wajong uitkering krijgt. mw. E. is in de veronderstelling dat zij financieel achter uit zal gaan en haar Wajong uitkering kan verliezen door de nieuwe plannen. mw. E. liet weten dat zij heeft moeten vechten om uit de psychiatrie te komen. mw. E. heeft daarna vertelt dat zij wekelijks gesprekken krijgt bij De Amstelmere. De Amstelmere is een opname kliniek voor mensen die nu in de psychiatrie zitten en of hebben gezeten. mw. E. ziet het wel zitten om vrijwilligerswerk te gaan doen bij voorkeur op een basisschool als overblijf juf. Ze liet weten deze stap nog niet te durven zetten omdat ze bang is voor vragen die betrekking hebben tot haar medisch verleden. Meneer Luijcks stelde mw. E. gerust met het feit dat er niet naar gevraagd wordt tijdens het sollicitatiegesprek. Ik,Dave, ben in de veronderstelling dat mw. E. het gewoon aan moet gaan en dat het haar goed zal doen.      

Dhr H: Is al eens eerder bij een Wie ben ik? bijeenkomst van Het ISP geweest. dhr H. vind het behoud van contacten heel belangrijk. dhr H. vertelde dat het kabinet bang is voor de toenemende vergrijzing in Nederland. dhr H. werkt als vrijwilliger met dak -en thuislozen. dhr H. vind het werken als vrijwilliger goede tijdsbesteding  en dat je op deze manier bouwt aan de maatschappij. dhr H. vertelde ook dat hij bij een Nationalisatie bijeenkomst is geweest waarbij nieuwe Nederlanders een eed moeten afleggen om in te burgeren evenals het krijgen van hun paspoort. Deze bijeenkomst was voor dhr H. nieuw en hij is van mening dat heel zinvol is om een bijeenkomst als deze te houden. Citaat van dhr H.: “Je bent sociaal goed bezig“. dhr H. heeft ook gewerkt voor Het Mozes huis met ouderen. “Het kabinet wil gaan bezuinigen op cultuur“ al is dit nog niet zeker.

dhr R.: Woont nog bij zijn moeder en is in een depressie geraakt. Hij is daarom niet gewend aan het runnen van een eigen huishouden. De reden dat dhr R. thuis zit komt door een beperking. Hierover is dhr R. niet verder gegaan.   dhr R. vind dat iedere Nederlander moet werken voor een wettelijk minimum loon. dhr R. vertelde dat het kabinet de duur van de werkloosheidswet wil gaan verkorten. Volgens dhr R. zal de WSW wet geen uitkomst voor hem bieden. De WSW staat voor(wet sociaal werk en voorziening). dhr H. deed een poging om dhr R. ervan te overtuigen vrijwilligerswerk te gaan doen. Hier was dhr R. het niet mee eens. Verder vertelde dhr R. dat hij technisch onderwijzer is geweest in 2009. Meneer Luijcks stelde voor dat dhr R. als bijvoorbeeld scheikunde leraar zou kunnen gaan werken op de middelbare school. Dit zag hij echter niet zitten. Ik,Dave, zou het jammer vinden als deze meneer niks met zijn behaalde diploma’s en opgedane kennis zou doen en het alleen maar goed vinden als dhr R. weer de draad oppakt onder de werkende mensen.

Het Echtpaar: De meneer liet weten dat er een balans moet worden gevonden m.b.t bezuiniging door het kabinet en dat vrijwilligers het werk van hulpverleners kunnen doen. Deze meneer was van mening dat er mogelijk een te kort aan hulpverleners is. Hij was hier niet zeker van. De mevrouw sloot zich aan bij de mening van haar man en liet weten dat haast iedereen voorbereid moet zijn te werken tot 67 jaar. Dit is echter verkort naar 66 jaar van wat ik op heb gemaakt uit het nieuws. Het echtpaar is bezig met verhuizen en is op zoek naar een verhuiswagen/oplossing voor het vervoeren van hun inboedel. Hiervoor willen zij geen of weinig kosten maken. Ik,Dave, ga er vanuit dat deze vraag in behandeling wordt genomen door Het ISP.

Meneer de Vries: “Assistenten worden ingezet voor het werk van een hulpverlener door een tekort aan personeel. Er is voorheen altijd een wijkcentrum geweest in Amstelveen maar dit is niet meer het geval. “Wat kan ervoor zorgen dat het contact tussen mensen wordt verbeterd? “ aldus meneer De Vries. Vrijwilligerswerk kan uiteindelijk leiden ,als daartoe de mogelijkheid bestaat, tot betaald werk. dhr H.: “Promotie van vrijwilligerswerk kan ervoor zorgen dat het contact zal verbeteren tussen mensen. Meneer de Vries wil bij de gemeente gaan informeren bij de gemeente wat er mogelijk is voor de verbetering van de samenleving. Cardanus. 2e woensdag van de maand.

Meneer Luijcks: Liet weten dat in Haarlem voor 1/3e deel zal worden bezuinigd op het aantal banen.  De vrijwilligerscentrale zet mensen aan tot werk en doet dit door de mensen eerst een bak koffie aan te bieden een social talk te houden. Zou er gelijk naar de problemen worden gevraagd dan is er kans op afwijzing van medewerking.

Ton,Martien,Dave “ Wij vinden dat de vrijwilligers de taak van begeleiding over kunnen nemen van mensen met een IQ tussen de 70 en 100. Welke nu weg bezuinigd wordt“

 

Dit is het einde van het Wie ben ik? Verslag.

 

Dave.

 

 

Verslag Wie ben ik en mijn omgeving 
Wijkcentrum Alleman Amstelveen  d.d. 13 oktober 2010

Aankondigingen in Amstelveens Weekblad en Amstelveens Nieuwsblad een week eerder hadden nog niet voor grote toeloop gezorgd. Maar bekendheid moet groeien. Nu  zaten  we met vijf mensen in de sfeervolle hal van het wijkcentrum. Het was een gezellig samenzijn en een interessant gesprek.  

Twee mensen, man en vrouw, ooit als vluchtelingen uit Iran naar Nederland gekomen, de man in de WIA,  hadden een heel concrete vraag. Ze konden na ruim tien jaar verhuizen naar een iets groter appartement in Amstelveen, maar wie kon hen in hun omgeving daarbij helpen ? Hoe kregen ze de spullen verhuisd ? En als je ervoor in aanmerking komt, hoe kom je aan een verhuisvergoeding ?  Met ambtenaren van het raadhuis bij het aanvragen van voorzieningen waar ze recht op hadden, bleken ze niet altijd goede ervaringen te hebben gehad. De ISP beloofde voor hen te gaan informeren. Al doorpratend kwam ook de behoefte om nog beter Nederlands te leren naar voren. Maar wat moet je doen als je (zoals de vrouw door oorzaken in je verleden) niet meer goed kan leren ? Als het je heel veel moeite kost om je te concentreren?

Een andere man wees toen op het Praathuis, twee keer per maand op donderdag een gespreksmiddag voor mensen die beter Nederlands willen spreken en met Nederlanders in een informele sfeer de taal willen oefenen. Ook hier in Wijkcentrum Alleman. Uit eigen ervaring kon hij zeggen dat het er heel plezierig en praktisch aan toe ging. En dat de deelnemers het zeer waardeerden.  De tip werd genoteerd.

Verder spraken we over Amstelveen, als stedelijke omgeving om in te wonen en te leven, en de behoefte bij Amstelveners aan  Wie ben ik? bijeenkomsten. Amstelveen is met zijn 80.000 inwoners een relatief rijke stad. De werkloosheid is laag en de meeste mensen wonen in een goed huis of appartement. Voorzover er sprake is van allochtonen zijn dat vooral hoogopgeleide Japanners, Amerikanen en Indiërs die hier tijdelijk werken. Achterstandswijken heb je hier niet. De meeste mensen kunnen het goed rooien zonder dat ze anderen daarbij nodig hebben. Mensen die het in Amstelveen minder goed hebben- en dat zijn er toch nog vele duizenden-  zijn  misschien minder dan elders geneigd om hiervoor uit te komen en steun bij elkaar te zoeken. Dit is iets om te onthouden als je publiciteit maakt voor Wie ben ik?  bijeenkomsten. Die zijn er vanuit het ISP juist voor bedoeld om mensen sterker te maken en hen te helpen zichzelf en elkaar van dienst te zijn.

Positief is dat de aankondiging van Wie ben ik? dit keer door twee van de drie huis aan huisbladen is opgepikt. Misschien dat aankondiging van een inhoudelijk of prikkelend thema een volgend keer meer mensen over de brug helpt. Je zou ook via het lokaal welzijnswerk van Cardanus of het WMO loket van de Gemeente aan meer deelnemers kunnen komen. Voor de volgende bijeenkomst op woensdag 10 november a.s. werd alvast een thema geopperd;  Wie ben ik en hoe overleef ik (als uitkeringsgerechtigde of  oudere Amstelvener) de bezuinigingen van dit nieuwe kabinet ? Het ISP zou het gesprek op basis van wat er in het regeeraccoord staat kunnen voorbereiden.  Met die goede voornemens werd de bijeenkomst afgesloten.

 

Ontmoeting met buurtcentrum Alleman

Op woensdag 8 september 2010 ben ik naar het buurtcentrum Alleman in Amstelveen geweest. Ik heb kennis gemaakt met Ben, o.a. verhuurder van het centrum, en met Ton de Vries (voorzitter van ISP). Hoewel het een gespreksmiddag was met het bespreken van het thema ‘Wie ben ik?’, ben ik meegegaan om kennis  te maken en betrokken te zijn bij het buurtcentrum in Amstelveen.
Het is een hele ervaring voor me geweest, omdat ik kennis heb gemaakt met verstandelijke gehandicapten. Dit vond ik heel spannend, want ik heb nog niet eerder een hand geschud met verstandelijke gehandicapten. Ik heb ze zo aardig en behulpzaam gevonden.
Ben vertelde dat er 4 welzijnsorganisaties gebruik maken van de ruimte in het buurtcentrum. Verder heeft Ben ons (Martien, Ton en ik) een rondleiding door het centrum gegeven. Ik vind het groot voor een buurtcentrum en ik vind het creatief in elkaar gezet (bijv. schilderijen hangen aan een ijzeren draad aan het plafond, echte bomen waarin fake rozen in hangen en etc.). Het was een leerzame bijeenkomst waar ik veel van heb geleerd.

V.l.n.r. Ton de Vries, Martien Luijcks, Ben Voorend, beheerder Alleman (foto Souad)

v.l.n.r. Ton de Vries, Souad Amasslam (verslag), Ben Voorend (foto Martien)